Vissen
Molly vissen houden: soorten, bak, water en jongen
Een molly is een levendbarende vis van 8 tot 15 cm (zonder staart) die hard, licht basisch water nodig heeft: GH 15–35 °dH, pH 7–8,5 en 21–28 °C. Er zijn drie soorten en veel kweekvormen, zoals de black molly en de ballonmolly. Houd minstens één man op twee vrouwen in een bak met een bodem van 76 tot 91 cm. Zout is niet nodig.
· 13 min lezen
In het kort
- Onder ‘molly’ vallen drie soorten: kortvinmolly (8 cm SL), zeilvinmolly (12,5 cm SL) en grote zeilvinmolly (15 cm SL), plus kweekvormen zoals black, lyretail en ballon.
- Molly’s hebben hard, licht basisch water nodig: GH 15–35 °dH, pH 7–8,5 en 21–28 °C, afhankelijk van de soort.
- Zout is niet nodig; calcium en magnesium in hard water houden molly’s gezond.
- Houd minstens één man op twee vrouwen en maar één mollysoort per bak, want de soorten kruisen.
- Een molly is ongeveer 4 tot 8 weken drachtig; vrouwen kunnen sperma bewaren en ook zonder man jongen krijgen.
- Kweek jongen op in een aparte, ingedraaide bak, niet in een klein kweekbakje.
Een molly is een levendbarende vis van 8 tot 15 cm standaardlengte die hard, licht basisch water nodig heeft: GH 15–35 °dH, pH 7–8,5 en 21–28 °C, afhankelijk van de soort. Achter de naam molly zitten drie soorten en een lange rij kweekvormen, van de black molly tot de ballonmolly. Begin met minstens één man op twee vrouwen, in een bak met een bodem van 76 tot 91 cm lang.
Welke molly’s zijn er?
In de handel kom je drie erkende soorten tegen (Fricke et al., 2026): de kortvinmolly (Poecilia sphenops), de zeilvinmolly (P. latipinna) en de grote zeilvinmolly (P. velifera). Daarnaast zijn er kleur- en vinvormen als black, gold, silver, dalmatian en lyretail, deels ontstaan door sphenops met latipinna te kruisen (Seriously Fish, z.d.). Wildvang zie je nauwelijks: de meeste winkelmolly’s komen van massakwekerijen in het Verre Oosten en Oost-Europa.
| Soort | Lengte (cm SL) | Bodem vanaf (cm) | Temperatuur | pH | GH (°dH) | Natuurlijke herkomst |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Kortvinmolly, P. sphenops | 8 | 90 × 30 | 21–28 °C | 7–8,5 | 15–30 | Zuid-Mexico tot Nicaragua |
| Zeilvinmolly, P. latipinna | 12,5 | 76 × 38 | 21–26 °C | 7–8,5 | 15–35 | Zuidoosten van de VS tot Veracruz (Mexico) |
| Grote zeilvinmolly, P. velifera | 15 | 91 × 38 | 22–28 °C | 7–8,5 | 15–35 | Noordelijk Yucatán (Mexico) |
Bron: Seriously Fish (z.d.) voor lengte, bodem en water; Fricke et al. (2026) voor de herkomst. SL is de standaardlengte, zonder staartvin (FishBase, z.d.).
Ook in de natuur is ‘molly’ geen nette eenheid: DNA van 86 dieren van 61 vindplaatsen in Midden-Amerika liet twee grote lijnen zien, een sphenops- en een mexicana-complex (Alda et al., 2013). Vraag bij aankoop daarom naar soort, ouderdieren en volwassen formaat; aan de kleur zie je het niet.
Kortvinmolly (Poecilia sphenops)
De kortvinmolly is met 8 cm SL de kleinste van de drie en de basis van de meeste black molly’s. Seriously Fish rekent op een bodem van 90 × 30 cm, zo’n 81 liter. Mannen zitten de vrouwen voortdurend achterna, dus houd meerdere vrouwen per man en zorg voor dichte beplanting.

Zeilvinmolly (Poecilia latipinna)
De zeilvinmolly wordt 12,5 cm SL en de man draagt een hoge, zeilvormige rugvin. In de natuur leeft hij in dichtbegroeide kustbeken, moerassen en sloten, vaak met brak water. Seriously Fish noemt een bodem van 76 × 38 cm, zo’n 87 liter. Mannen kunnen elkaar flink aanpakken en oudere dieren pikken soms op kleinere vissen.
Grote zeilvinmolly (Poecilia velifera)
De grote zeilvinmolly is met 15 cm SL de grootste en volgens Seriously Fish ook de lastigste molly: alleen in ruim, hard en zeer schoon water ontwikkelt de man zijn volle zeilvin. In een kleine of overvolle bak blijft die rugvin achter. Geef minstens een bodem van 91 × 38 cm (zo’n 104 liter), veel planten, wat drijvende beschutting en open zwemwater.
Jonge velifera en latipinna lijken sterk op elkaar; tel de rugvinstralen: velifera heeft er 18–19, latipinna 14. Volwassen latipinna hebben donkere, rechthoekige vlekken in de rugvin, velifera lichtere, ronde stippen (Seriously Fish, z.d.).
Black molly en andere kweekvormen
De black molly is een kweekvorm, meestal van de kortvinmolly of van een kruising met de zeilvinmolly. Seriously Fish vindt veel kweekmolly’s, en de zwarte in het bijzonder, door jarenlange inteelt en massakweek vatbaarder voor ziekte dan de wildvorm. Lange vinnen, zoals bij lyretails, kunnen zwemmen en balans hinderen en raken sneller geïnfecteerd (LICG, z.d.); kies decoratie zonder scherpe randen.

Ballonmolly
Een ballonmolly is gefokt op een misvormd, kort en rond lichaam. Seriously Fish waarschuwt dat die bouw zwemblaas- en spijsverteringsproblemen kan geven en de vis eerder kan laten sterven. Ons advies: kies een normaal gebouwde molly die vlot zwemt en eet.

Hoe groot moet een aquarium voor molly’s zijn?
Reken voor een klein groepje op een bodem van minstens 90 × 30 cm bij kortvinmolly’s en 76 × 38 tot 91 × 38 cm bij zeilvinmolly’s, ofwel ruwweg 80 tot 105 liter (Seriously Fish, z.d.). OATA legt de ondergrens lager: minstens 45 liter voor een klein groepje van de kleinere molly’s en 80 liter voor zeilvinmolly’s, met extra volume voor elke uitbreiding. Wij houden de soortmaten aan, omdat die uitgaan van het volwassen formaat.
Molly’s zijn actieve vissen: geef schuilplaatsen tussen planten én vrije zwemruimte (LICG, z.d.). Een laag drijfplanten geeft beschutting aan de oppervlakte. Reken met de aquariuminhoud-calculator uit wat je bak bevat en bepaal daarna de bezetting van je aquarium.
Welke waterwaarden hebben molly’s nodig?
Molly’s hebben hard, licht basisch water nodig: GH 15–35 °dH, pH 7–8,5 en een temperatuur tussen 21 en 28 °C, afhankelijk van de soort (Seriously Fish, z.d.). Het LICG noemt molly’s gevoeliger voor waterkwaliteit dan guppy’s, platy’s en zwaarddragers. In zacht of zuur water verzwakken ze snel, met schommelen (shimmying), schimmel en geknepen vinnen als signalen.
| Bron | Temperatuur | pH | GH (°dH) | KH (°dH) |
|---|---|---|---|---|
| Seriously Fish, kortvinmolly | 21–28 °C | 7–8,5 | 15–30 | – |
| Seriously Fish, zeilvinmolly | 21–26 °C | 7–8,5 | 15–35 | – |
| Seriously Fish, grote zeilvinmolly | 22–28 °C | 7–8,5 | 15–35 | – |
| OATA, guppen en molly’s samen | 20–28 °C | 7–8 | 8–18 | 5–15 |
| LICG, levendbarenden algemeen | 22–25 °C | 7–8,5 | middelhard tot vrij hard | – |
Bron: Seriously Fish (z.d.), OATA (z.d.) en LICG (z.d.).
De OATA-waarden gelden voor guppen en molly’s samen; voor molly’s kies je de hardere kant. Meet eerst je kraanwater: de hardheid komt van calcium en magnesium en verschilt per woonplaats (Vitens, z.d.). Hoe GH, KH en pH samenhangen, lees je in KH, GH en pH uitgelegd.
Hebben molly’s zout nodig?
Nee, molly’s hebben geen zout nodig: het zijn de hardheidsmineralen calcium en magnesium die ze op de lange termijn gezond houden (Seriously Fish, z.d.). Het zoutadvies heeft wel een achtergrond: de zeilvinmolly leeft vaak in brak kustwater, en Seriously Fish schrijft in een notitie dat alle kweekvormen van de kortvinmolly het beter doen in licht brak water. Molly’s verdragen zout dus goed, maar in hard, basisch water is het overbodig.

Singh et al. (2023) hielden black molly’s tien dagen in negen zoutgehaltes, van 0 tot 16 ppt. In het zoete controlewater en tot 8 ppt overleefden alle vissen. Dat controlewater bevatte wel calcium en magnesium, en ook pH, hardheid en stikstofwaarden verschilden tussen de bakken. De proef laat zien dat molly’s zout verdragen, niet dat ze het nodig hebben.
Op een smal scherm kun je het schema horizontaal verschuiven. Bekijk schema op volledige grootte.
Hoeveel molly’s houd je samen, en met welke vissen?
Houd minstens één man op twee vrouwen; meer vrouwen per man is beter, want mannen jagen de vrouwen voortdurend na (OATA, z.d.; Seriously Fish, z.d.). Houd één mollysoort per bak, want de soorten kruisen makkelijk.
Goede medebewoners kunnen hetzelfde harde water aan. Seriously Fish noemt andere levendbarenden zoals de platy en de zwaarddrager, sommige regenboogvissen en goerami’s, stevige pantser- en harnasmeervallen en hardwaterbestendige barbelen en tetra’s. Zet zeilvinmolly’s niet bij schuwe vissen (OATA, z.d.); oudere latipinna’s kunnen kleinere buren lastigvallen. De molly is familie van de gup en de endler, maar dat maakt ze nog geen goede combinatie: OATA raadt aan endlers niet te houden bij vissen die groot genoeg zijn om ze op te eten. Lees ook onze gids over gezelschap en agressie.
Wat eten molly’s?
Molly’s zijn alleseters met een duidelijke plantaardige behoefte: geef dagelijks voer met veel algen of groente, aangevuld met klein levend of diepvriesvoer (OATA, z.d.). Seriously Fish noemt geblancheerde spinazie, komkommer en plantaardige vlokken; watervlooien en kleine muggenlarven vullen aan. Molly’s grazen ook algen (LICG, z.d.).
Zeilvinmolly’s eten zachtbladige planten op, en wat groene alg laten staan levert extra voer. Krijgt een zeilvinman te weinig groen, dan ontwikkelt zijn rugvin zich slechter (Seriously Fish, z.d.). Voer één keer per dag zoveel als binnen enkele minuten op is; resten vervuilen het water (OATA, z.d.). Bewaar droogvoer koel en droog en vries ontdooid voer niet opnieuw in (Petty et al., 2026). Meer over porties lees je in vissen voeren.
Molly zwanger: draagtijd, jongen en opkweek
Een molly is volgens Seriously Fish ongeveer 4 tot 8 weken drachtig en krijgt daarna tientallen levende jongen, bij de kortvinmolly soms tot 120. Ouders en andere vissen eten de jongen op. Vrouwen kunnen sperma bewaren en zonder nieuwe paring opnieuw jongen krijgen (LICG, z.d.), dus ook een groepje alleen vrouwen kan verrassen.
| Soort of bron | Draagtijd | Jongen per worp |
|---|---|---|
| Kortvinmolly, Seriously Fish | circa 8 weken | soms tot 120 |
| Zeilvinmolly, Seriously Fish | circa 2 maanden | tot 50 |
| Grote zeilvinmolly, Seriously Fish | 4–8 weken | meestal 20–60, uitschieter 200 |
| OATA, guppen en molly’s samen | 24–30 dagen | 20–80 |
Bron: Seriously Fish (z.d.) en OATA (z.d.).
Zo kweek je jonge molly’s op:
- Zet een drachtige vrouw tijdig apart in een ingedraaide, dichtbeplante bak. Kleine kweekbakjes en -netten zijn volgens Seriously Fish te klein om jongen in op te kweken.
- Zet de moeder na de geboorte terug, zodat ze de jongen niet opeet.
- Voer vanaf de eerste dag. Mollyjongen eten direct pas uitgekomen artemia, microwormen of fijngewreven vlokvoer, verdeeld over meerdere beurten per dag.
- Bewaak het water. Ook een opgroeibak heeft een werkende stikstofkringloop nodig.
- Regel tijdig een bestemming. Een paar worpen levert al snel meer molly’s op dan je bak aankan.
Wildkleurige molly’s eten hun jongen minder vaak op dan kweekvormen (Seriously Fish, z.d.). Veel van wat voor guppenjongen geldt, werkt ook bij molly’s.
Hoe houd je molly’s gezond?
Koop alleen molly’s uit een bak zonder zieke dieren en test daarna wekelijks je water: ammoniak en nitriet horen niet meetbaar te zijn (OATA, z.d.). Een gezonde molly heeft heldere ogen, gave vinnen, intacte schubben, geen zweren of bulten, zwemt normaal en ademt rustig. Lees vooraf hoe je nieuwe vissen laat wennen en in quarantaine zet.
OATA adviseert wekelijks een kwart van het water te verversen. Spoel het filtermateriaal alleen uit in afgetapt aquariumwater, zodat de bacteriën in het filterbed blijven leven. Schommelende molly’s, geknepen vinnen of schimmelplekken wijzen bij deze vis vaak op te zacht of te zuur water; meet dan eerst GH en pH. Houdt het aan, schakel dan een viskundige dierenarts in.
Hoe oud een molly wordt, is niet goed onderzocht; OATA rekent op enkele jaren in een goed ingerijpte bak met schoon water.
Veelgemaakte fouten met molly’s
- Zacht of zuur water. Molly’s horen in GH 15–35 °dH en pH 7–8,5.
- Zout in plaats van hardheid. Calcium en magnesium maken het verschil, zout niet.
- Twee mollysoorten in één bak. Ze kruisen.
- Te veel mannen. Houd minstens twee vrouwen per man.
- Een grote zeilvinmolly in een kleine bak. Dan blijft de rugvin van de man achter.
- Opkweken in een klein kweekbakje. Gebruik een aparte, ingedraaide bak.
- Alleen vrouwen kopen en geen jongen verwachten. Door spermaopslag kan er toch een worp komen.
- Overtollige molly’s loslaten. Zie hieronder.
Molly’s herplaatsen en de Unielijst
Laat molly’s nooit vrij in een sloot of vijver, maar zoek een nieuwe houder of een aquariumzaak die ze overneemt (OATA, z.d.). Ontsnapte en vrijgelaten dieren van kwekers en aquarianen zijn een bekende route naar nieuwe gebieden (U.S. Fish and Wildlife Service, 2019). De zeilvinmolly verdringt in landen waar hij is uitgezet vaak de inheemse vissen (Seriously Fish, z.d.).
Poecilia sphenops, P. latipinna en P. velifera staan niet op de Unielijst van invasieve exoten (gecontroleerd op 18 oktober 2026, NVWA en Uitvoeringsverordening (EU) 2016/1141). Verwante muskietenvisjes (Gambusia affinis en G. holbrooki) staan daar sinds augustus 2022 wel op (LICG, z.d.). Meer over verantwoord herplaatsen lees je bij guppen niet loslaten.
Veelgestelde vragen over molly’s
Hoe groot wordt een molly?
Een kortvinmolly wordt ongeveer 8 cm, een zeilvinmolly 12,5 cm en een grote zeilvinmolly 15 cm, gemeten zonder staartvin (Seriously Fish, z.d.). Met staart erbij is een volwassen vis dus nog iets langer. Mannen blijven meestal kleiner dan vrouwen. Kies je bak op het volwassen formaat, niet op de maat van de jonge vissen in de winkel.
Hebben molly’s zout nodig in het aquarium?
Nee, molly’s hebben geen zout nodig zolang het water hard en licht basisch is: GH 15–35 °dH en pH 7–8,5. Calcium en magnesium houden ze gezond, niet keukenzout of zeezout. Ze verdragen zout wel goed, omdat zeilvinmolly’s in de natuur vaak in brak water leven. Zout lost een te zacht kraanwater niet op.
Welke temperatuur hebben molly’s nodig?
Houd molly’s tussen 22 en 26 °C, het bereik dat voor alle drie de soorten binnen het advies van Seriously Fish valt. De kortvinmolly verdraagt 21–28 °C, de zeilvinmolly 21–26 °C en de grote zeilvinmolly 22–28 °C. Gebruik een verwarming met thermostaat en zet de bak uit de buurt van tocht, zon en warmtebronnen.
Hoe zie je of een molly man of vrouw is?
Kijk naar de anaalvin onder de buik: bij de man is die omgevormd tot een gonopodium, de vrouw heeft een driehoekige anaalvin (OATA, z.d.). Bij zeilvinmolly’s heeft alleen de man de grote zeilvormige rugvin. Mannen zijn bovendien meestal iets kleiner en vaak kleuriger. Laat de verkoper het verschil bij de aangeboden dieren aanwijzen voordat je een groep samenstelt.
Hoelang is een molly zwanger?
Reken op ongeveer 4 tot 8 weken: Seriously Fish noemt circa 8 weken voor de kortvinmolly, circa 2 maanden voor de zeilvinmolly en 4–8 weken voor de grote zeilvinmolly. OATA houdt voor guppen en molly’s samen 24–30 dagen aan. Omdat vrouwen sperma kunnen bewaren, kan er ook zonder man een worp komen. Zet een drachtige vrouw tijdig in een aparte, ingedraaide bak.
Wat doe je met jonge black molly’s?
Haal black molly-baby’s weg bij de volwassen vissen of geef ze veel dichte beplanting, want ouders en medebewoners eten ze op. Voer vanaf de eerste dag pas uitgekomen artemia, microwormen of fijngewreven vlokvoer, verdeeld over meerdere beurten per dag. Kweek ze op in een ingedraaide bak met stabiel, hard water en regel op tijd een bestemming voor de groep.
Welke vissen passen bij molly’s?
Kies vissen die net als molly’s hard, basisch water aankunnen, zoals platy’s, zwaarddragers, sommige regenboogvissen en goerami’s, stevige meervallen en hardwaterbestendige barbelen en tetra’s (Seriously Fish, z.d.). Combineer niet met een andere mollysoort, want ze kruisen. Zet zeilvinmolly’s niet bij schuwe vissen, en houd rekening met het formaatverschil bij kleine soorten zoals endlers.
Is een ballonmolly gezond?
Een ballonmolly is gefokt op een misvormd, rond lichaam en heeft daardoor meer kans op problemen. Seriously Fish waarschuwt dat die bouw zwemblaas- en spijsverteringsproblemen kan geven en de vis eerder kan laten sterven. Heb je er al een, let dan extra op zwemmen en eten. Koop je nieuwe molly’s, kies dan een normaal gebouwd dier.
- Alda, F., Reina, R. G., Doadrio, I., & Bermingham, E. (2013). Phylogeny and biogeography of the Poecilia sphenops species complex (Actinopterygii, Poeciliidae) in Central America. Molecular Phylogenetics and Evolution, 66(3), 1011–1026. https://doi.org/10.1016/j.ympev.2012.12.012
- Europese Commissie. (2025). Uitvoeringsverordening (EU) 2016/1141, geconsolideerde versie 7 augustus 2025. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX:02016R1141-20250807
- FishBase. (z.d.). SL. FishBase Glossary. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://www.fishbase.se/Glossary/Glossary.php?language=english&q=SL&sc=is
- Fricke, R., Eschmeyer, W. N., & Van der Laan, R. (red.). (2026, 21 september). Poecilia: Species records. Eschmeyer’s Catalog of Fishes. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://researcharchive.calacademy.org/research/ichthyology/catalog/fishcatget.asp?genus=Poecilia&tbl=species
- Landelijk InformatieCentrum Gezelschapsdieren. (z.d.). Levendbarenden (vissengroep). Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://www.licg.nl/aquariumdieren/levendbarenden-vissengroep/
- Landelijk InformatieCentrum Gezelschapsdieren. (z.d.). Overzicht erfelijke aandoeningen bij vissen. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://www.licg.nl/aquariumdieren/overzicht-erfelijke-aandoeningen-bij-vissen/
- Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit. (z.d.). Unielijst invasieve exoten. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://www.nvwa.nl/onderwerpen/plant/invasieve-exoten/unielijst-invasieve-exoten
- Ornamental Aquatic Trade Association. (z.d.). How to look after guppies and mollies. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://ornamentalfish.org/what-we-do/advice-information/care-sheets/caresheets-tropical-freshwater-fish/how-to-look-after-guppies-and-mollies/
- Petty, B. D., Francis-Floyd, R., & Yanong, R. P. E. (2026, juni). Nutritional diseases of fish. Merck Veterinary Manual. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://www.merckvetmanual.com/exotic-and-laboratory-animals/aquarium-fish/nutritional-diseases-of-fish
- Seriously Fish. (z.d.). Poecilia latipinna. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://www.seriouslyfish.com/species/poecilia-latipinna/
- Seriously Fish. (z.d.). Poecilia sphenops. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://www.seriouslyfish.com/species/poecilia-sphenops/
- Seriously Fish. (z.d.). Poecilia velifera. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://www.seriouslyfish.com/species/poecilia-velifera/
- Singh, L., Khairnar, S. O., Kaur, V. I., & Mandal, A. (2023). Salinity tolerance response of ornamental black molly, Poecilia sphenops exposed to inland saline water. Indian Journal of Animal Health, 62(2), 347–354. https://doi.org/10.36062/ijah.2023.02122
- U.S. Fish and Wildlife Service. (2019, 28 augustus). Mexican molly (Poecilia sphenops): Ecological risk screening summary. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://www.fws.gov/sites/default/files/documents/Ecological-Risk-Screening-Summary-Mexican-Molly.pdf
- Vitens. (z.d.). Waterhardheid. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://www.vitens.nl/service/waterkwaliteit/waterhardheid




