
Vissen
Kempvis verzorgen: aquarium, voer, warmte en gezelschap
De kempvis (Betta splendens) vraagt een ingericht aquarium met rustige stroming, geschikte warmte en vrije toegang tot het oppervlak. Geef een mannetje bij voorkeur een eigen bak. Lees hoe je zwemruimte, voeding en waterkwaliteit beoordeelt en wanneer rusten of niet eten aanleiding is om in te grijpen.
40–60 cmaquariumlengteLICG-uitgangspunt voor één betta. Beoordeel ook breedte, zwemroutes en inrichting.
24–30 °CtemperatuuradviesLICG-richtlijn; kies een passende stabiele temperatuur en meet in het aquarium.
Eén mannetjeeigen aquariumMeer ruimte en planten maken het samenhouden van mannetjes niet vanzelf veilig.
Vrij oppervlaktoegang tot luchtLaat open plekken tussen drijfplanten en een bereikbare luchtlaag onder de afdekking.
In het kort
- Kies de bak voor bewegen, rusten en schuilen. LICG noemt 40–60 cm lengte voor één betta; beoordeel ook breedte en bruikbare inrichting.
- Houd het wateroppervlak bereikbaar en zorg voor een afdekking met een geventileerde luchtlaag. De kempvis ademt ook lucht en kan springen.
- Meet temperatuur en waterkwaliteit. Een rustige filteruitstroom moet samengaan met werkende biologische filtering.
- Houd geen twee mannetjes samen. Een vrouwtje of extra medebewoners toevoegen vraagt een afzonderlijke beoordeling en uitwijkmogelijkheid.
- Geef passend klein voer, volg de daadwerkelijke opname en verwijder resten. Een vast aantal korrels past niet bij ieder voerproduct en iedere vis.
- Rusten kan normaal zijn. Onderzoek een verandering in gedrag, aanhoudend niet eten of beschadiging samen met de omstandigheden in de bak.


