Naar de inhoud
ALQUARIUM Vraag het Alquarium
Discus met lichtblauwe flank, rood oog en donkere rugtekening, met een tweede discus onscherp op de achtergrond.
Foto: Doronenko. Licentie: CC BY 3.0 (https://creativecommons.org/licenses/by/3.0/). Verkleind en omgezet naar WebP; niet gegenereerd. Doronenko, CC BY 3.0

Vissen

Discusvissen houden: aquarium, waterwaarden en kweek

Discusvissen houd je in een groep van minstens vijf, in een aquarium van minstens 150 cm lang en 50 cm hoog; zes volwassen dieren vragen circa 300 liter. Houd het water op 28–30 °C en neem pH en hardheid over van de kweker: nakweek leeft vaak goed bij pH 6,5–7,5, wildvang vraagt zacht, zuur water van pH 4–6.

13 min lezen

150 × 50 cmMinimale lengte × hoogteLICG
circa 300 literVoor zes volwassen dierenOATA
28–30 °CTemperatuurLICG; OATA noemt 26–30 °C
minstens 5GroepsgrootteOATA
zeker 10 jaarLevensduurLICG
100–250Eieren per legselLICG

In het kort

  • Houd minstens vijf discusvissen samen; alleen een gevormd kweekpaar kan met z'n tweeën.
  • Een discusgroep vraagt een bak van minstens 150 cm lang en 50 cm hoog; zes volwassen dieren hebben circa 300 liter nodig.
  • Houd het water op 28–30 °C en neem pH en hardheid over van de kweker; nakweek leeft vaak goed bij pH 6,5–7,5.
  • Voer twee tot drie kleine porties per dag op meerdere plekken en ververs minstens wekelijks een kwart tot de helft van het water.
  • Jongen eten de eerste dagen huidslijm van hun ouders; na een dag of vijf kun je bijvoeren met Artemia-nauplii.

Wat betekent dit voor jouw bak?

Alquarium leest dit artikel mee en denkt met je mee over jouw aquarium. Gratis, geen account nodig.

Hoe groot is jouw aquarium, hoeveel discusvissen wil je houden en welke temperatuur, pH, GH en KH meet je nu in de bak?

  • Of begin hiermee:

Discusvissen houd je in een groep van minstens vijf dieren, in een aquarium van minstens 150 cm lang en 50 cm hoog; zes volwassen vissen vragen circa 300 liter. Het water staat op 28–30 °C, en pH en hardheid neem je over van de kweker: nakweek leeft vaak goed bij pH 6,5–7,5, wildvang vraagt zacht, zuur water van pH 4–6. Wie dat goed regelt, ziet een van de bijzonderste vormen van broedzorg: de ouders voeden hun jongen met hun eigen huid.

Wat is een discusvis precies?

Discus is de verzamelnaam voor de schijfvormige cichliden van het geslacht Symphysodon uit het Amazonegebied en de vele kweekvormen daarvan. Heckel beschreef het geslacht en Symphysodon discus in 1840, Pellegrin volgde in 1904 met S. aequifasciatus. Hoeveel soorten er echt zijn, is nog onderwerp van onderzoek: Amado, Farias en Hrbek (2011) analyseerden 336 vissen van 24 vindplaatsen en kwamen uit op vijf genetische eenheden, wat iets anders is dan vijf erkende soorten. Omdat er talloze kweekvormen en kruisingen bestaan, zegt een handelsnaam iets over kleur, niet over afstamming.

Oranjerode discus met blauwe accenten langs rug- en aarsvin, voor hout en planten.
Kweekvorm. Oranjerood met blauwe vinranden: een van de vele kleurvormen in de handel. Foto: H. Zell / Wikimedia Commons · CC BY-SA 3.0.

Volwassen discussen worden volgens het LICG en OATA ongeveer 20 cm. Seriously Fish noemt voor wilde S. aequifasciatus zo'n 14 cm standaardlengte, gemeten zonder staartvin. Een discus groeit langzaam, wordt bijna even hoog als lang en kan volgens het LICG zeker tien jaar oud worden. Het LICG noemt ze uitdrukkelijk geen beginnersvissen.

Hoe leven discusvissen in de Amazone?

Discusvissen leven in warm, schemerig, langzaam stromend water tussen boomwortels, in groepen met een rangorde (LICG, z.d.). Crampton (2008) volgde populaties bij Tefé in Brazilië: bij hoogwater zochten ze verspreid of in kleine groepjes voedsel in het overstroomde bos, bij laagwater verzamelden ze zich in grote groepen tussen omgevallen boomkronen. De geleidbaarheid bij Uxi Bay liep op van 8 µS/cm bij hoogwater tot 29 µS/cm bij laagwater. In hun magen zaten aangroeisel, fijn organisch materiaal, plantenresten en kleine ongewervelde waterdieren, een breder menu dan het label "vleeseter" doet vermoeden.

Voor je bak betekent dat: gedempt licht, beschutting van hout en planten, en open water waarin de groep samen zwemt.

Hoe groot moet een discus aquarium zijn?

Een discusgroep heeft een aquarium nodig van minstens 150 cm lang en 50 cm hoog (LICG), en voor zes volwassen dieren circa 300 liter met veel bodemoppervlak (OATA). Beide eisen gelden tegelijk: een hoge, smalle bak met veel liters schiet tekort in zwemlengte.

Situatie Maat of inhoud Bron
Groep volwassen discussen Minstens 150 cm lang en 50 cm hoog LICG
Zes volwassen dieren Circa 300 liter (50 liter per volwassen vis), ruim bodemoppervlak OATA
Nakweek, per vis Ongeveer 40–50 liter; voor wildvang liefst meer LICG
Enkele jonge dieren of één kweekpaar 120 × 45 × 45 cm Seriously Fish

Bron: LICG (z.d.), OATA (z.d.), Seriously Fish (2026).

Een bak van 150 × 50 × 50 cm bevat bruto 375 liter; bodem, hout en de vrije rand halen daar flink wat vanaf. Reken je eigen bak na met de rekenhulp voor aquariuminhoud en lees hoe je de bezetting van een aquarium bepaalt. Hoe groter de bak, hoe stabieler temperatuur en water blijven. Een betrouwbare verwarming is onmisbaar, net als een plek zonder tocht, direct zonlicht of harde geluiden.

Blauwe discus voor een grote wortel, met planten links en rechts en open zwemruimte erboven.
Beschutting en open water. Hout en planten maken rustige hoeken, terwijl de groep in het midden vrij kan zwemmen. Foto: Rjcastillo / Wikimedia Commons · CC BY-SA 4.0.

Kies als bodem zand of fijn grind: discusvissen zoeken voedsel door de bodem op te blazen. Zet hout en planten neer als dekking, want het zijn schuwe vissen, en houd het midden open. Dempt fel licht met drijfplanten en kies planten die rond 30 °C goed groeien. Discussen produceren veel afval en zijn gevoelig voor vervuiling, dus een sterk biologisch filter is volgens het LICG extra belangrijk.

Welke waterwaarden heeft een discus nodig?

Houd discusvissen op 28–30 °C en stem pH en hardheid af op de herkomst: wildvang wil zeer zacht, zuur water, nakweek is vaak al generaties aan harder water gewend. Belangrijker dan elk getal is volgens het LICG dat de waterkwaliteit nooit plotseling verandert.

Bron en groep Temperatuur pH Hardheid
LICG, nakweek (meerdere generaties) 28–30 °C 6,5–7,5 10–15 °dH
LICG, wildvang 28–30 °C 4–6 circa 3–4 °dH
OATA, discus algemeen 26–30 °C 6,0–7,5 GH 4–12 °dH, KH 3–10 °dKH
Seriously Fish, S. aequifasciatus 26–30 °C 5–7 GH 0–5 °dGH

Bron: LICG (z.d.), OATA (z.d.), Seriously Fish (2026).

Nakweek. Vraag bij aankoop welke temperatuur, pH en hardheid de vissen gewend zijn en houd die aan; LICG en OATA adviseren dat allebei. Leg die getallen naast je kraanwater en lees hoe pH, KH en GH samenhangen.

Wildvang. Wildvang is gevoeliger voor schommelingen en vraagt water dat je nauwkeurig zacht en zuur houdt. Het LICG raadt houders zonder discuservaring aan met nakweek te beginnen.

Kraanwater. Drinkwater verschilt per gebied en gepubliceerde waarden zijn momentopnamen (Vitens, z.d.), dus meet wat er echt uit jouw kraan komt. Voor zachter water meng je kraanwater met osmosewater; de rekenhulp voor osmosewater berekent de verhouding. Breng nieuw water altijd eerst op samenstelling en temperatuur, eventueel in een aparte voorraadbak.

Hoeveel discusvissen houd je samen, en met wie?

Houd minstens vijf discusvissen bij elkaar, liever meer; alleen een al gevormd kweekpaar kan met z'n tweeën (OATA). Dieren die alleen of in een te klein groepje zitten, raken gestrest en worden vaak gepest door de dominantste vis.

Een soortbak is het rustigst, en het LICG houdt discussen het liefst als enige soort. Wil je gezelschap, kies dan dieren die hetzelfde warme water verdragen en het voer niet wegkapen.

Gezelschap Oordeel Voorwaarde
Alleen discusvissen Beste keuze Groep van vijf of meer, alle dieren krijgen voer
Rustige kleine tetra's, zoals kardinaaltetra's Mogelijk volgens LICG Soort moet 28–30 °C verdragen
Pantsermeervallen Mogelijk volgens LICG en OATA Alleen Corydoras-soorten die het warme water aankunnen
Plecos en dwergcichliden OATA noemt ze als mogelijkheid Let op temperatuur en broedterritoria
Twee losse discussen Afraden Alleen een gevormd paar is een uitzondering

Bron: LICG (z.d.), OATA (z.d.).

Een broedend paar zondert zich af en verdedigt een territorium. Lees meer over gezelschap en agressie of vergelijk verwante soorten bij de cichliden.

Wat eten discusvissen en hoe vaak voer je?

Geef volwassen discusvissen twee tot drie kleine porties per dag, met elke dag een geschikt discusgranulaat of pellet en daarnaast afwisseling (OATA). Ze hebben een kleine maag, dus liever vaak een beetje. Het LICG noemt minstens drie keer per dag, zoveel als ze in één tot twee minuten op hebben, aangevuld met diepvries- en levend voer zoals watervlooien, muggenlarven en Artemia.

Voer op meerdere plaatsen tegelijk, zodat ook de laagste vis in de rangorde eet, en haal resten dezelfde dag weg. Blijft er regelmatig iets liggen, geef dan minder. Koop diepvries- en levend voer bij een vertrouwd adres: invriezen doodt de meeste ziekteverwekkers, maar vissen-tbc kan volgens het LICG ook via diepvriesvoer meekomen. Zet droogvoer niet op de lichtkap, want daar gaan door de warmte vitamines verloren. Meer over porties lees je bij vissen voeren.

Hoe vaak ververs je het water in een discusbak?

Ververs minstens elke week een flink deel van het water: het LICG noemt ongeveer een kwart per vier tot zeven dagen, OATA de helft per week. Je metingen bepalen waar je tussen die twee uitkomt; een drukbezette bak met veel voer zit aan de OATA-kant.

Meet minstens wekelijks ammoniak/ammonium, nitriet, nitraat, pH en hardheid, en vaker na het opstarten of na nieuwe vissen (OATA). Bij een goed werkend filter zijn ammoniak en nitriet niet meetbaar. Kijk elke dag naar je vissen en de temperatuur, en spoel filtermateriaal uit in afgetapt aquariumwater, nooit onder de kraan. Hoe je verversingswater klaarmaakt, lees je bij water verversen.

Waar let je op bij het kopen van discusvissen?

Kies actieve, goed etende vissen met een volle, ronde vorm uit een bak zonder zieke dieren. Het LICG noemt een schone huid, geen magere of spitse kop en geen ogen die te groot zijn voor het lichaam, want dat wijst op achtergebleven groei. Koop nooit een gezond ogende vis uit een bak met zieke vissen; ziekte kan meeliften zonder zichtbare klachten (OATA). Jonge discussen kosten volgens het LICG zo'n 15 tot 30 euro, bijzondere kweekvormen rond de 250 euro.

Roodblauw getekende discus met ronde romp, heldere ogen en gespreide vinnen.
Waar je op let. Een ronde romp, heldere ogen en gespreide vinnen volg je bij aankoop en daarna elke dag. Foto: Cangadoba / Wikimedia Commons · CC BY-SA 4.0.

Laat nieuwe discussen langzaam wennen: OATA adviseert ze in een emmer te zetten en daar via een dun slangetje druppelsgewijs aquariumwater bij te laten lopen, terwijl je de temperatuur bewaakt. Schep daarna alleen de vis over. Beter nog is een quarantainebak: het Merck Veterinary Manual adviseert minimaal dertig dagen voor nieuwe aquariumvissen. Lees de gids over wennen en quarantaine.

Zie je donkerder kleuren, een doffe huid, geknepen vinnen, scheef zwemmen of slecht eten, meet dan eerst het water. Voor een diagnose tellen ook het verloop, het aantal zieke dieren, nieuwe vissen en eerdere behandelingen mee (Merck).

Discusvissen (Symphysodon) staan niet op de Europese Unielijst van invasieve exoten (gecontroleerd op 18 oktober 2026 bij NVWA en EU).

Hoe kweek je discusvissen?

Een discuspaar zet 100–250 eieren af op een verticaal oppervlak, beide ouders bewaken het legsel, en de vrijzwemmende jongen eten eerst van een afscheiding op de huid van hun ouders (LICG). Een groep jonge dieren die samen opgroeit, vormt vaak zelf paartjes; een bewezen kweekpaar is meestal duurder (OATA).

Het LICG adviseert een aparte kweekbak van 29–31 °C, pH 5,5–6,5 en hoogstens 4 °dH, met een goed filter, dagelijks of om de dag verversen en een afzetkegel of ander verticaal vlak. Het geslacht zie je pas echt bij het afzetten: de geslachtspapil is bij het vrouwtje rond en vlak, bij het mannetje puntig.

Fase Wanneer Wat gebeurt er
Afzetten Dag 0 Ouders poetsen het vlak schoon en bewaaieren daarna de eieren
Uitkomen Na 2–3 dagen Larven hangen nog aan een kleefdraad
Vrijzwemmen Nog 2–3 dagen later Jongen eten van het huidslijm van de ouders
Bijvoeren Na een dag of vijf Artemia-nauplii of watervlooien, vijf tot tien keer per dag een klein beetje
Ouders trekken zich terug Rond week 3 na vrijzwemmen Ouders ontwijken de jongen vaker
Discusvorm Na ongeveer 3 maanden Jongen krijgen de echte schijfvorm

Bron: LICG (z.d.), OATA (z.d.), Buckley et al. (2010).

Schema met twee startpunten: vanaf het afzetten tel je uitkomen en vrijzwemmen, vanaf het vrijzwemmen de latere gedragsverandering van de ouders.

Op een smal scherm kun je het schema horizontaal verschuiven. Bekijk schema op volledige grootte.

Twee klokken. Uitkomen en vrijzwemmen tel je vanaf het afzetten; de terugtrekkende ouders, rond week 3, tel je vanaf het vrijzwemmen. Schema naar LICG (z.d.) en Buckley et al. (2010).

Buckley en collega's (2010) volgden zes kweekparen. In het huidslijm vonden ze eiwitten en het antilichaam IgM, met een piek in de afgifte op het moment dat de jongen vrij gingen zwemmen. In hun proef kregen de jongen pas in week 4 Artemia, en toen waren er al huidbeschadigingen en welzijnsproblemen. Wacht thuis dus niet zo lang en zorg dat eerste voer klaarstaat, bijvoorbeeld door zelf Artemia te kweken. Worden de ouders territoriaal tegenover hun jongen, verhuis de jongen dan naar een eigen opkweekbak (OATA).

Veelgemaakte fouten met discusvissen

  1. Twee losse discussen kopen. Zonder bewezen paar raakt een duo gestrest; houd er minstens vijf.
  2. Alleen op liters letten. Een groep heeft 150 cm zwemlengte en 50 cm hoogte nodig, niet alleen 300 liter.
  3. Wildvangwaarden op nakweek toepassen. Neem het water van de kweker over en verander nooit plotseling.
  4. Op één plek voeren. Dan eten alleen de dominante dieren.
  5. Nieuwe vissen direct bij de groep zetten. Laat ze druppelsgewijs wennen en houd ze eerst apart.
  6. Donkerkleuring meteen behandelen. Meet eerst het water en bekijk het hele gedrag.

Veelgestelde vragen over discusvissen

Hoeveel discusvissen moet je samen houden?

Houd minstens vijf discusvissen bij elkaar, en liever meer; het LICG noemt vijf à zes als ondergrens. Discussen zijn groepsvissen met een rangorde. Een te kleine groep of een eenling raakt gestrest en wordt vaak gepest door de dominantste vis. Alleen een al gevormd kweekpaar kan met z'n tweeën in een bak (OATA).

Hoe groot wordt een discusvis?

Een volwassen discus wordt ongeveer 20 cm, volgens het LICG en OATA. Seriously Fish noemt voor wilde Symphysodon aequifasciatus zo'n 14 cm standaardlengte, gemeten zonder staartvin, dus de getallen botsen niet. Discussen groeien langzaam en worden bijna even hoog als lang. Daarom vraagt een groep een bak van minstens 50 cm hoog.

Welke temperatuur heeft een discus nodig?

Een discusbak staat op 28–30 °C, volgens het LICG; OATA en Seriously Fish noemen 26–30 °C. Voor een kweekbak adviseert het LICG zelfs 29–31 °C. Gebruik een betrouwbare verwarming, zet de bak uit de tocht en de zon, en controleer de temperatuur elke dag. Medebewoners moeten dit warme water ook verdragen.

Hoe oud wordt een discusvis?

Discusvissen kunnen volgens het LICG zeker tien jaar oud worden. OATA koppelt een lang leven aan een goed ingelopen bak met goede waterkwaliteit; gevarieerd voer en een rustige groep zonder plotselinge veranderingen horen daarbij. Wie aan discusvissen begint, kiest dus voor een verzorgingsritme van jaren, met wekelijkse waterwissels en metingen.

Hoe zie je of een discus man of vrouw is?

Je ziet het geslacht betrouwbaar aan de geslachtspapil, een verdikking bij de anus, vooral tijdens het afzetten. Bij vrouwtjes is die rond en vlak, bij mannetjes puntig (LICG). Buiten de broedperiode is het verschil nauwelijks te zien. Zoek je zeker een koppel, koop dan een bewezen kweekpaar of laat een groep jonge dieren zelf paren vormen.

Hoe vaak moet je discusvissen voeren?

Voer volwassen discusvissen twee tot drie keer per dag een kleine portie, met dagelijks een geschikt discusgranulaat (OATA); het LICG noemt minstens drie keer. Geef zoveel als ze in één tot twee minuten op hebben en voer op meerdere plekken. Jonge discussen krijgen vijf tot tien keer per dag heel kleine beetjes.

Wat kost een discusvis?

Jonge discusvissen kosten volgens het LICG ongeveer 15 tot 30 euro per stuk, bijzondere kweekvormen rond de 250 euro. Een bewezen kweekpaar is meestal duurder dan losse jonge dieren. Reken daarnaast op een grote bak, verwarming op 28–30 °C, testsets, filtermateriaal en relatief duur gevarieerd voer.

Hoe lang moeten nieuwe discusvissen in quarantaine?

Houd nieuwe discusvissen minimaal dertig dagen apart, zoals het Merck Veterinary Manual adviseert voor nieuwe aquariumvissen. Gebruik voor de quarantainebak eigen netten en emmers en verzorg hem als laatste. Een gezond ogende vis kan toch ziekte meedragen; quarantaine geeft je de tijd om dat te zien voordat de hele groep risico loopt.

Bronnen
  1. Landelijk InformatieCentrum Gezelschapsdieren. (z.d.). Discusvis. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://www.licg.nl/aquariumdieren/discusvis/
  2. Ornamental Aquatic Trade Association. (z.d.). How to look after discus. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://ornamentalfish.org/what-we-do/advice-information/care-sheets/caresheets-tropical-freshwater-fish/how-to-look-after-discus/
  3. Seriously Fish. (2026). Symphysodon aequifasciatus. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://www.seriouslyfish.com/species/symphysodon-aequifasciatus
  4. Amado, M. V., Farias, I. P., & Hrbek, T. (2011). A molecular perspective on systematics, taxonomy and classification Amazonian discus fishes of the genus Symphysodon. International Journal of Evolutionary Biology, 2011, 1–16, artikel 360654. https://doi.org/10.4061/2011/360654
  5. Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit. (z.d.). Unielijst invasieve exoten. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://www.nvwa.nl/onderwerpen/plant/invasieve-exoten/unielijst-invasieve-exoten
  6. Europese Commissie. (2025). Uitvoeringsverordening (EU) 2016/1141, geconsolideerde versie 7 augustus 2025. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX:02016R1141-20250807
  7. Crampton, W. G. R. (2008). Ecology and life history of an Amazon floodplain cichlid: the discus fish Symphysodon (Perciformes: Cichlidae). Neotropical Ichthyology, 6(4), 599–612. https://doi.org/10.1590/S1679-62252008000400008
  8. Buckley, J., Maunder, R. J., Foey, A., Pearce, J., Val, A. L., & Sloman, K. A. (2010). Biparental mucus feeding: A unique example of parental care in an Amazonian cichlid. Journal of Experimental Biology, 213(22), 3787–3795. https://doi.org/10.1242/jeb.042929
  9. Petty, B. D., Francis-Floyd, R., & Yanong, R. P. E. (2026, juni). Management of aquarium fish. Merck Veterinary Manual. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://www.merckvetmanual.com/exotic-and-laboratory-animals/aquarium-fish/management-of-aquarium-fish
  10. Vitens. (z.d.). Waterkwaliteit. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://www.vitens.nl/Zakelijk/Relatiemanagement/Waterkwaliteit
  11. Binohlan, C., Froese, R., & Pauly, D. (z.d.). The LENGTH-LENGTH table. FishBase. Geraadpleegd op 18 oktober 2026, van https://www.fishbase.se/manual/FishbaseThe_LENGTHLENGTH_table.htm

Wat betekent dit voor jouw bak?

Alquarium leest dit artikel mee en denkt met je mee over jouw aquarium. Gratis, geen account nodig.

Je hebt het stuk uit. Wat wil je weten over jouw eigen bak?

  • Of begin hiermee:

Verder lezen

Alles over vissen