Naar de inhoud
ALQUARIUM Vraag het Alquarium

Vissen

Te veel guppen: elke uitweg heeft een prijs

Bij guppen gaat het zelden mis bij de aankoop. Het gaat mis in maand vier, als je niet meer kunt tellen hoeveel er zwemmen en elk vrouwtje er weer een stel bij heeft gedaan. Wie hier terechtkomt is dus per definitie te laat voor de goedkope oplossing, en dat is geen verwijt maar een uitgangspunt. Dit stuk legt eerst uit waarom het zo hard gaat en hoe je meet wanneer het te veel ís, geeft daarna de volgorde voor deze week, en zet dan de uitwegen naast elkaar met hun prijs erbij.

23 min lezen

0,6 jaarper generatieFishBase, mediaan van ln(3)/K over tien groeistudies, spreiding 0,2 tot 0,7; dat is ruim anderhalve generatie per jaar `[literatuurrichtlijn]`
4-6 wekentussen twee worpenFishBase noemt vier weken als ondergrens; wij leiden vier tot zes af uit de draagtijd `[praktijkregel, eigen afleiding uit de draagtijd]`
±4 maandenvoordat scheiden resultaat geeftzij slaat sperma op; gemeten aan 25 vrouwtjes, en de bronvergelijking staat bij de draagtijd van de gup `[gemeten, via citerende publicatie]`
20 mg/lnitraat boven je eigen kraande enige grens die met de bezetting meeloopt; OATA voor guppen en molly's. Ammoniak en nitriet horen bij dezelfde bron op nul te staan `[literatuurrichtlijn]`

In het kort

  • Een bak met guppen zoekt geen evenwicht. Hij loopt op tot de schuilruimte en de eigen ouders hem tegenhouden, en dat plafond ligt bijna altijd boven wat de bak comfortabel aankan.
  • Het tempo maakt de aanwas, niet de omvang van een worp: wij rekenen dat een vrouwtje elke vier tot zes weken opnieuw werpt — onze eigen afleiding uit de dracht, geen opgave uit een naslagwerk — en haar jongen zijn na twee tot drie maanden zelf ouders.
  • Te veel is geen aantal maar een verhouding. Meet je nitraat: één keer uit de kraan, en daarna twee keer vlak vóór het verversen. Verander er tussendoor niets aan.
  • De enige gratis maatregel werkt alleen vooraf: koop dieren van één geslacht. Achteraf kies je tussen de vrouwtjes weg (meteen klaar, maar het moeilijkst te plaatsen) en de mannen weg (makkelijk te plaatsen, maar pas na vier maanden effect).
  • Elke uitweg achteraf heeft een prijs. Loslaten is de enige die de prijs bij een ander legt, en daarom de enige die afvalt.

Wat betekent dit voor jouw bak?

Alquarium leest dit artikel mee en denkt met je mee over jouw aquarium. Gratis, geen account nodig.

Een bak met guppen wordt niet vanzelf stabiel; het aantal loopt op tot jij ingrijpt. Hoeveel vrouwtjes zwemmen er ongeveer in, en hoeveel liter is de bak?

  • Of begin hiermee:

Een bak met guppen zoekt geen evenwicht, hij loopt op tot een plafond

De meeste mensen kopen zes guppen en gaan ervan uit dat de bak zichzelf reguleert. Dat gebeurt ook, alleen niet op de manier die ze bedoelen.

Volwassen dieren eten een deel van hun eigen jongen, en bij deze soort is dat de regel en niet de uitzondering. Seriously Fish schrijft het zonder omhaal: volwassen vis eet de jongen, dus wie ze allemaal wil houden haalt ze na de geboorte weg. [literatuurrichtlijn] LICG zegt hetzelfde van de andere kant, namelijk dat jonge dieren een verstopplaats nodig hebben tussen de beplanting, "anders worden ze opgegeten". [literatuurrichtlijn] Hoeveel er doorkomen is dus vooral een eigenschap van je inrichting, en wat daaraan wél en niet gemeten is staat bij de opkweek van guppenjongen.

Dat is geen evenwicht maar een plafond. Het wordt gezet door schuilruimte en door hoeveel jongen de volwassen dieren wegvangen, en niet door een mechanisme dat naar het aantal liters in jouw bak kijkt. Het ligt bijna altijd boven wat de bak comfortabel aankan.

Bij dat plafond komt meteen de vraag op of je er zelf aan kunt draaien. Minder eten geven doet meetbaar iets, en veel minder dan mensen hopen: in een proef waarin jonge dieren een periode karig werden gehouden, werden de vrouwtjes later volwassen, en bij de hoge temperatuur was dat verschil het grootst met 12,4 dagen. [gemeten, Moura-Campos e.a. 2025] Dagen dus, geen maanden. Je krijgt de aanwas er niet mee omlaag, en de rekening komt bij de dieren te liggen.

Op fora lees je soms dat je de schuilruimte gewoon moet weghalen. Dat is geen rem op de aanwas, want er worden er evenveel geboren; het is doden dat je aan de bak uitbesteedt, in je eigen huiskamer, buiten beeld. Doe dat niet.

De rekensom die niemand vooraf maakt

Het getal dat de lijn omhoog trekt is niet de omvang van een worp maar het tempo.

FishBase schrijft dat een vrouwtje sperma opslaat en elke vier weken jongen kan krijgen. Dat is het snelste tempo dat er staat, niet het normale: vier weken is de ondergrens van de draagtijd van vier tot zes weken die in dezelfde alinea staat, twee zinnen verderop. Wij rekenen daarom met vier tot zes weken tussen twee worpen, gelijk aan de dracht. Dat is een eigen afleiding en geen opgave uit een naslagwerk; waarom hij houdbaar is, staat bij de draagtijd van de gup. [praktijkregel, eigen afleiding uit de draagtijd]

Dat die twee samenvallen is geen fout in de bronnen. Ze draagt één broedsel tegelijk, ze wordt vrijwel direct na de bevalling opnieuw bevrucht, en ze heeft daar bovendien opgeslagen sperma voor. De volgende dracht loopt dus al terwijl de vorige worp geboren wordt.

Per worp lopen de opgaven ver uiteen, van vijf tot tweehonderd. [literatuurrichtlijn] Wij houden de LICG-band van tien tot zeventig aan omdat die de meeste andere overlapt, en alle vijf de opgaven staan met hun kanttekeningen bij de dracht. [literatuurrichtlijn] En de jongen van vandaag zijn over twee tot drie maanden zelf ouders: FishBase zet mannetjes op twee maanden en vrouwtjes op drie, LICG houdt twee tot drie maanden aan zonder onderscheid. [literatuurrichtlijn] Warmte verschuift dat voor de twee seksen in tegengestelde richting. [gemeten, Moura-Campos e.a. 2025] Wat warmte wél versnelt is de dracht zelf, en dáár zit de knop op het tempo; dat verband is bij 27 en 30 graden vastgesteld en staat uitgewerkt bij de draagtijd van de gup. [gemeten bij 27 en 30 graden; daarbuiten praktijkregel]

Eén getal van FishBase verwart hier standaard, en het is de moeite waard om het uit de weg te ruimen. Naast een generatietijd van 0,6 jaar geeft FishBase de veerkrachtklasse "hoog", met een minimale populatieverdubbelingstijd van minder dan vijftien maanden. [literatuurrichtlijn] Dat klinkt traag, maar het is een categoriegrens uit een visserijmodel voor een wilde populatie: mét roofvis, zonder verwarming, met een winter erin. Voor een huiskamerbak is er geen meting van de verdubbelingstijd. [hiaat] Met de generatietijd kun je wel iets: 0,6 jaar is ongeveer zeven maanden, dus ruim anderhalve generatie per jaar. [afgeleid uit een literatuurrichtlijn]

Zo ziet die rekensom er uitgeschreven uit

Neem drie volwassen vrouwtjes. Een half jaar is ongeveer zesentwintig weken, dus bij een tussenpoos van vier tot zes weken zijn dat vier tot zes worpen per vrouwtje, samen twaalf tot achttien worpen. Maal tien tot zeventig jongen per worp: ruwweg honderd tot ruim duizend geboortes in een half jaar. [afgeleid uit de bronbanden hierboven]

Wat je daarvan overhoudt is een fractie. Het verschil is verlies dat je niet ziet gebeuren: kannibalisme, de aanzuiging van de pomp, en jongen die de eerste dagen niet halen.

Moment Wat je ziet zwemmen (illustratie, geen meting)
Dag één 6 tot 8
Na drie maanden 20 tot 30
Na een half jaar 40 of meer

Deze tabel is een eigen illustratie van Alquarium van wat een houder overhoudt, geen meting en geen opgave uit een bron. [praktijkregel] Het aantal geboortes ligt een veelvoud hoger, en hoe groot het verlies daartussen is weet niemand: in hobbybronnen circuleert de schatting dat minstens de helft van de aanwas aan kannibalisme verloren gaat, en geen van hen levert er een vindplaats bij. [praktijkregel, geen publicatie] Schuilruimte is de knop die jij hebt, maar in de enige aquariumproef die erbij in de buurt komt hing de uitkomst ook af van de herkomst van het jong én van het vrouwtje; die proef staat bij de opkweek van guppenjongen. Voor een huiskamerbak bestaat er geen getal. [hiaat]

Wanneer is het te veel? Dat meet je, dat tel je niet

"Te veel" is geen aantal. Het is de verhouding tussen wat de dieren produceren en wat jij afvoert. Vuistregels per liter rekenen met het aantal dieren van vandaag, en dat is nu juist het getal dat hier niet stilstaat.

Er is één grens die met het aantal dieren meebeweegt en een bron onder zich heeft. OATA, de Britse brancheorganisatie voor de siervishandel, houdt voor guppen en molly's aan: "Nitrate: not to exceed 20 mg per litre above normal tap water levels." [literatuurrichtlijn] Let op die staart: bóven wat er al uit je kraan komt. Meet dus één keer wat er bij jou uit de kraan loopt aan nitraat en tel er twintig bij op. Dat is jouw bovengrens, en het is voor iedere lezer een ander getal.

Daarnaast is er een toets die je vanavond kunt beginnen en die twee metingen uit hetzelfde testflesje kost. Noteer de nitraatwaarde vlak vóórdat je ververst, dus niet erna, en herhaal dat de volgende keer op precies hetzelfde punt in je ritme. Drie voorwaarden, anders meet je iets anders dan je denkt. [praktijkregel]

  1. Verander tussen de twee metingen niets: niet het ritme, niet het percentage, niet de hoeveelheid eten. Anders meet je je eigen ingreep en krijgt je bak ten onrechte een voldoende.
  2. Reken pas op een echte stijging bij minstens één hele kleurstap verschil. Eén tint donkerder is aflezen; een druppeltest leest in grove stappen.
  3. Het antwoord heb je pas bij de volgende beurt. Vanavond zet je alleen de eerste meting neer.

Komt het tweede getal een stap hoger uit, dan maakt de bak inmiddels meer afval dan jouw ritme wegneemt. Sta je vlak voor de beurt al boven je eigen bovengrens, dan hoef je de tweede meting niet af te wachten.

Twee tekenen worden vaak als bewijs van te veel dieren gelezen, en dat zijn ze niet. Happen aan het oppervlak en stil aan de kant hangen zijn in de eerste plaats watersignalen: te warm, te weinig lucht in het water, of kieuwschade doordat een ammoniakwaarde of een nitrietwaarde niet nul is. Die twee staan in datzelfde OATA-blad allebei op nul milligram per liter, even hard als de nitraatgrens hierboven. [literatuurrichtlijn] Meet ze dus eerst. Pas als ze goed zijn en het beeld na elke beurt terugkomt, past het bij een bak die te vol staat. [praktijkregel]

Een grotere bak verzet de datum, niet de aanwas

De eerste reflex is meer liters, en dat is de duurste manier om hetzelfde probleem te verplaatsen. De aanwas is exponentieel, de bak is lineair. Van zestig naar honderdtwintig liter is één verdubbeling, en op de illustratie hierboven is die in ongeveer anderhalve maand opgegeten. [afgeleid uit de illustratie hierboven] Voor het geld van een tweede bak koop je dus ruwweg zes weken uitstel.

Er is nog iets, en het is de keerzijde van de eerste alinea van dit stuk. Meer liters betekent in de praktijk meer beplanting, en meer beplanting betekent meer schuilruimte. Je verhoogt daarmee juist het plafond waar de bak naartoe groeit. Een grotere bak verzet de datum en verlegt de bovengrens mee; hij verandert de lijn niet.

Wat er wél als ondergrens uit de bronnen komt: OATA houdt voor een kleine groep van de kleinere soorten minstens vijfenveertig liter aan. [literatuurrichtlijn] En dat is meteen waarom de gebruikelijke vuistregels per liter hier zo slecht werken, de centimeterregel voorop: ze rekenen allemaal met het aantal dieren dat er vandaag zwemt.

Eén geslacht kopen is goedkoop, het achteraf repareren kost vier maanden

Er is één maatregel die het probleem wegneemt zonder dat hij je iets kost, en die moet je nemen voordat je afrekent: koop dieren van één geslacht. Seriously Fish laat er geen misverstand over bestaan: wie geen bak vol jongen wil, koopt vis van maar één sekse. [literatuurrichtlijn] In de praktijk wordt dat een groep mannen, want daar zit de kleur. Waarom alleen mannetjes bij guppen ook voor het welzijn vaak de betere keuze is, en welke keerzijde daarbij hoort, staat daar uitgewerkt.

Achteraf ligt het anders, en dat is het punt waar de meeste stukken over dit onderwerp door de bocht vliegen. Vooraf koop je mannen. Achteraf is "welke helft doe ik weg" een andere vraag, met drie antwoorden die elk iets anders kosten.

Wat je doet Wanneer de aanwas stopt Wat het je kost
De vrouwtjes weg meteen je moet juist de dieren plaatsen waar het minst vraag naar is, en meestal zijn het er de meeste
De mannen weg pas na ongeveer vier maanden je houdt de kleurloze helft over, maar dit zijn de dieren die het makkelijkst een adres vinden
Scheiden in twee bakken in de vrouwenbak pas na ongeveer vier maanden je hoeft niets weg te doen, maar je draait dubbel onderhoud

Niemand gaat dood van de verkeerde keuze; het verschil zit in doorlooptijd en in hoe makkelijk je de dieren kwijtraakt. Kies dus eerst wélke van de drie, en pas daarna hoe. Vier dingen bepalen of het lukt.

Sorteer op de vin, niet op de kleur. Het enige harde kenmerk is het gonopodium, het smalle staafje waar bij een vrouwtje een gewone aarsvin zit. Bij kweekvormen hebben ook vrouwtjes vaak kleur, dus op kleur sorteren gaat mis. Het kenmerk is er bovendien eerder dan de rijpheid, dus je deadline is niet je kijkmoment; vanaf welke week je het betrouwbaar ziet, staat daar uitgeschreven. Een worp rijpt niet gelijk op, dus wat je vandaag niet kunt beoordelen bekijk je over twee weken opnieuw.

Regel het vangen en de tweede bak vóórdat je begint. Veertig dieren uit een beplante bak halen lukt niet met een schepnet achter de planten aan; een fles op zijn kant met wat eten erin werkt beter, en een kant-en-klare vissenval ook. Laat hem staan en haal hem op als er dieren in zitten. En de tweede bak is geen bewaardoos: hij moet draaien, met eigen verwarming en eigen techniek. Je krijgt hem snel aan de praat door de helft van de sponzen uit je bestaande bak mee te verhuizen, want dan neem je het bacteriebed mee in plaats van het opnieuw op te bouwen. [praktijkregel]

Verwacht geen stilstand. Een vrouwtje slaat sperma op en blijft maandenlang werpen zonder dat er nog een man in de bak zwemt. Reken op vier maanden, en trek pas na een half jaar de conclusie dat er nog een man tussen zit. Waar die getallen vandaan komen en welke oudere opgaven niet deugen, staat bij de draagtijd van de gup.

Let ten slotte op wat de bekendste guppenregel wel en niet doet. LICG adviseert één mannetje per twee tot vijf vrouwtjes, omdat de mannetjes de vrouwtjes anders blijven achtervolgen om te paren. [literatuurrichtlijn] Dat is een welzijnsregel en geen rem: hij verdeelt de druk over meer vrouwtjes, hij haalt de voortplanting er niet uit.

Wat je deze week doet

  1. Meten, niet tellen. Zet vanavond de eerste meting neer, en meet één keer wat er uit je kraan komt. Zonder die twee getallen stuur je op gevoel.
  2. De aanwas stoppen. Kies uit de drie routes hierboven. Bij twee ervan zie je pas na ongeveer vier maanden resultaat [gemeten, via citerende publicatie]; dat is normaal en het betekent niet dat het mislukt is.
  3. De belasting omlaag brengen, ná de tweede meting. OATA houdt vijfentwintig procent per week aan. [literatuurrichtlijn] Zit je daar al op en loopt het nitraatgehalte toch op, ga dan naar twee keer per week vijfentwintig procent en niet naar één grote beurt. Houd de hoeveelheid eten gelijk en koop niets bij.
  4. De verwarming naar de onderkant van de band. LICG houdt drieëntwintig tot vijfentwintig graden aan; zet hem op drieëntwintig in plaats van vijfentwintig. [literatuurrichtlijn] Koeler betekent een langere dracht en dus een lager tempo. [praktijkregel; het gemeten verband is bij 27 en 30 graden vastgesteld, dus buiten deze band] Onder de band ga je niet, en de aanwas stopt er niet van.
  5. De afvoerroute kiezen uit de tabel hieronder, en vooraf bellen of mailen. Niet in de auto stappen met een emmer vis en hopen.
  6. Twee data in de agenda. Over twee weken nasorteren, over vier maanden opnieuw beoordelen. [praktijkregel]

De uitwegen, en wat elk ervan kost

Route Wat het oplevert De prijs
De vrouwtjes wegdoen de aanwas stopt meteen de dieren waar het minst vraag naar is
De mannen wegdoen de aanwas, zonder tweede bak de kleur weg, en pas na maanden effect
Afstaan aan een winkel veel dieren in één keer weg onbekende bestemming, en lang niet elke winkel neemt aan
Afstaan via een vereniging of een liefhebber bekende bestemming kost tijd, en gaat om kleinere aantallen per keer
Afstaan aan een vissenopvang bekende bestemming, ook bij grote aantallen een handvol adressen, geen landelijk netwerk; vaste vergoeding vanaf 15 euro en maanden wachttijd
Verkopen een paar dieren per keer weg weinig opbrengst, de vrouwtjes het minst, en boven een bepaalde schaal ben je bedrijfsmatig bezig
Een tweede bak als uitbreiding niets, op termijn dubbel onderhoud, en dezelfde vraag over een half jaar
Een tweede bak om te scheiden de aanwas, uiteindelijk dubbel onderhoud, en je moet betrouwbaar sorteren
De zomer buiten in een kuip niets aan de aanwas ze jongen er gewoon door, en in oktober moet alles er weer uit
Selecteren en afvoeren direct en volledig de zwaarste; laat je voorlichten voor je iets doet
Uitzetten in vijver of sloot niets het dier gaat dood en het risico ligt bij een ander

De routes over afstaan krijgen de meeste vragen, dus die eerst.

De winkel: bel vooraf, en weet waarom ze twijfelen

Bel en vraag drie dingen: of ze eigen kweek aannemen, hoeveel dieren tegelijk, en wat je ervoor terugkrijgt. Een winkel is tot niets verplicht.

Wij hebben voor dit stuk zelf geen winkels nagebeld, dus wij kunnen niet zeggen wie vandaag wat aanneemt. [hiaat] Eén ding is wél na te kijken en het is veelzeggend: de grootste Nederlandse keten zet op zijn eigen servicepagina voor vis vier diensten op een rij — water laten testen, een gezondheidscontrole, een kant-en-klaar ingericht aquarium, en het bestellen van soorten die niet in de winkel staan. Dieren van klanten innemen staat er niet bij. [eigen waarneming, petsplace.nl/vissen-service, geraadpleegd 4 september 2026] Dat betekent niet dat het nergens kan; het betekent dat het nergens een recht is, en dat vooraf bellen geen beleefdheid is maar de hele procedure.

Waaróm ze twijfelen staat wél op papier. Het vakblad van Dibevo vroeg vijfentwintig dierenspeciaalzaken hoe zij omgaan met teruggebrachte dieren. [branchebron, Dibevo-Vakblad 1/2019] De aarzeling bij vis gaat over besmetting: "Bij vissen is het een ander verhaal, als je vissen terugplaatst in je winkel, loop je het risico op ziektes." Dezelfde ondernemer voegt eraan toe dat het bij hem nog nooit was voorgekomen dat iemand een vis terug wilde brengen. Toch gebeurt het, en soms zonder aankoopbon: een andere zaak beschrijft klanten die met de hobby stopten of een lek hadden, en dan "maak ik een bakje leeg waar de vissen in kunnen en ga ik een nieuwe goede plek zoeken."

Verwacht geen geld. Waar zaken al iets terugbetalen gaat er een deel af, in de orde van tien tot twintig procent van de aankoopwaarde, en meerdere ondernemers zeggen ronduit dat er niets teruggaat. [branchebron, Dibevo-Vakblad 1/2019] Dat gaat niet specifiek over vissen, maar het geeft de richting. Doe de dieren in een dichte zak in een doos of koeltas, en zeg er eerlijk bij hoe oud ze zijn en waar ze vandaan komen. [praktijkregel]

De hobby zelf, en de opvang die er is

De nettste route is de hobby zelf. De Nederlandse vereniging voor levendbarende vissen houdt een paar keer per jaar een bijeenkomst met een visbeurs, en hoe je daar binnenkomt staat bij de aanschaf van guppen. Wat je hier moet doen is één mail: vraag de secretaris of je als niet-lid iets mag aanbieden op de eerstvolgende bijeenkomst, en om hoeveel dieren het dan mag gaan. Daarnaast houdt de NBAT, "de overkoepelende bond van verenigingen voor houders van aquaria, vijvers en terraria in Nederland", een overzicht bij van aangesloten verenigingen. [organisatiegegeven, nbat.nl, geraadpleegd 4 september 2026] Voor twintig dieren is een plaatselijke vereniging vaak praktischer dan een landelijke beurs.

Dan de opvang, en dat is de route die in Nederlandse stukken hierover vrijwel nooit genoemd wordt. Er is geen landelijk netwerk, wel een handvol adressen.

Het bekendste is Stichting Vissen Asiel Nederland in Sliedrecht: aquarium- én vijvervissen, twee weken apart voordat een dier voor herplaatsing wordt aangeboden, en een ophaaldienst. Voor aquariumvissen geldt een afstandsvergoeding van 15 euro, "een vast bedrag, ongeacht het aantal vissen"; bij ophalen komen daar 35 cent per kilometer heen en terug bij, plus 25 euro per persoon per uur arbeid. Reken op wachttijd: de stichting noemt zelf "een wachtlijst van ongeveer 2,5 maand", en een betaalde afspraak wordt bij annulering niet terugbetaald. [organisatiegegeven, vissenasiel.nl, geraadpleegd 4 september 2026] Bij veertig dieren tegelijk is juist dat vaste bedrag wat deze route bruikbaar maakt.

Daarnaast heeft Stichting Op-Nieuw een vissenopvang in Delft, aan de Vulcanusweg, die uitsluitend op afspraak werkt. [organisatiegegeven, op-nieuw.nl, geraadpleegd 4 september 2026] En Stichting Vissenbescherming verwijst op haar eigen pagina over vissenopvang naar een particulier die thuis zowel koudwater- als tropische vis opneemt, met de kanttekening dat er "geen opvangcentra zoals voor de honden, katten en knaagdieren" bestaan. [organisatiegegeven, vissenbescherming.nl, geraadpleegd 4 september 2026] Bel of mail dus eerst, en ga uit van maatwerk in plaats van een loket. Verder zijn er Marktplaats en de vraag-en-aanbodhoeken van de Nederlandse aquariumfora: die werken, maar je weet niet waar je dieren terechtkomen.

Over geld hoef je je geen illusies te maken

LICG houdt aan dat een vrouwtje ongeveer een euro kost en een mannetje enkele euro's. [literatuurrichtlijn] In de winkel ligt dat hoger: één bouwmarktketen stond op 4 september 2026 op 2,55 tot 3,95 euro over negen guppenartikelen. [eigen meting, één keten, één meetmoment] Die twee opgaven verschillen fors, en waarschijnlijk kloppen ze allebei: LICG beschrijft de soort in het algemeen en wij keken naar één keten op één dag. De telling erachter staat bij de guppenprijs.

Wat particulieren onderling vragen, hebben wij niet geteld. [hiaat] De richting die wél overeind blijft, is de richting die je nodig hebt: dit zijn winkelprijzen en geen opbrengst, en de vrouwtjes brengen het minst op. Dat maakt "de vrouwtjes weg" tegelijk de snelste en de moeilijkste route, en dat is precies het soort wrijving waar je vooraf op rekent in plaats van erachter te komen met twintig dieren in een emmer.

En de route waar veel mensen op hopen

Een medebewoner die de jongen wegvangt: als beheersplan werkt dat niet. Er is voor deze gids geen meting gevonden die laat zien dat een medebewoner de aanwas werkelijk remt. [hiaat]

Twee dingen pleiten er bovendien tegen. [praktijkregel] De grotere kandidaten die het eerst in je hoofd opkomen zien ook een volwassen dier als een hapje: LICG geeft voor deze soort een lengte van drie tot zes centimeter, waarbij de vrouwtjes de grootste zijn, dus de mannetjes zijn de kleinste dieren in je bak. [literatuurrichtlijn] En de rustige levendbarenden die vaak worden aangeraden, de zwaarddrager voorop, doen precies wat de gup al doet en zetten een tweede worpcyclus naast de jouwe. Welke medebewoners voor guppen überhaupt passen is een eigen vraag, en het antwoord daar gaat niet over jongen wegvangen.

Verkopen mag, tot het bedrijfsmatig wordt

Een keer wat jongen wegbrengen is iets anders dan elke maand dertig dieren aanbieden, en die grens ligt in Nederland vast. De RVO zet acht indicatoren op een rij, die niet allemaal hoeven op te gaan: meer dan twintig honden of katten in twaalf maanden verkocht, geleverd, opgevangen of gefokt; fokken zonder de dieren zelf of voor familie en vrienden te houden; dieren verkopen of leveren buiten je eigen kring; dieren tegen een vergoeding opvangen; ruimtes die speciaal zijn ingericht voor verzorging, handel of fokkerij; een inschrijving bij de Kamer van Koophandel of een btw-nummer; adverteren; en een winstoogmerk. [overheidsbron, rvo.nl, geraadpleegd 4 september 2026] Herken je jezelf in drie of meer daarvan, ga er dan van uit dat je het bij een controle zult moeten uitleggen. [praktijkregel]

Dat getal van twintig geldt namelijk alleen voor honden en katten: "Voor andere diersoorten is er geen getalsmatige indicatie." En de bewijslast ligt bij jou: "vindt u dat u hobbymatig huisdieren houdt? Dan moet u dit bij een controle zelf aannemelijk maken bij de inspecteur." [overheidsbron, rvo.nl] Wie er wél overheen gaat, moet de inrichting aanmelden en een beheerder hebben met een erkend bewijs van vakbekwaamheid, allebei uit het Besluit houders van dieren. [literatuurrichtlijn, wettekst] Hoe daar bij een paar dieren in een advertentie op wordt gehandhaafd, hebben wij niet kunnen achterhalen. [hiaat]

De uitweg die niemand opschrijft, en waarom wij dat wel doen

Kwekers selecteren, en wat afvalt gaat weg. In de hobby heet dat cullen. Een Amerikaanse guppenvereniging omschrijft het als het alleen aanhouden van de dieren die je nog wilt fokken of op een keuring inzetten, en noemt drie bestemmingen voor de rest: een aparte bak waarin ze hun leven uitleven, een winkel die ze overneemt, en een hobbyist met een grote roofvis. [praktijkregel] Doden is de uiterste variant, en die komt in het Nederlandse aanbod nergens ter sprake: in de verzorgingspagina's die wij voor deze gids hebben gelezen, staat het onderwerp niet. [eigen waarneming over de geraadpleegde pagina's] Wij noemen het wel, en wel hierom: wie deze mogelijkheid verzwijgt, laat de lezer zitten met een probleem dat daardoor onoplosbaar lijkt, en duwt hem richting de enige uitweg die echt fout is.

Verboden is het niet, vrijblijvend evenmin. Het dodingsverbod van artikel 2.10 van de Wet dieren geldt alleen voor de aangewezen diercategorieën, ganzen, honden en katten; artikel 2.1 verbiedt daarnaast om zonder redelijk doel het welzijn van een dier te benadelen of verder te gaan dan voor dat doel toelaatbaar is. En het Besluit houders van dieren stelt in de artikelen 1.12 tot en met 1.14 wél eisen aan de manier van doden, maar artikel 1.11 beperkt die uitdrukkelijk tot zoogdieren, reptielen, amfibieën en vogels; vissen vallen er buiten. [literatuurrichtlijn, wettekst] Wat overblijft is artikel 2.1, plus de zorgplicht die de Raad voor Dierenaangelegenheden samenvat met "de Nederlandse wet erkent vissen als wezens met gevoel, waarvoor een zorgplicht geldt". [literatuurrichtlijn, RDA-zienswijze 2018] Precies daarom staat de methode hier niet. Leg de vraag voor aan een dierenarts die vissen of exoten in het aanbod heeft staan, of aan een ervaren kweker via de vereniging.

Loslaten is geen uitweg

De goedkoopste optie is de enige die echt afvalt.

RAVON is er kort over: guppen worden hier "sporadisch aangetroffen", het gaat om uit aquaria afkomstige dieren die worden uitgezet, en "deze dieren kunnen onder normale omstandigheden de winter niet overleven". [literatuurrichtlijn]

Juridisch is het evenmin een vrije keuze, en hier gaat het vaak mis. De Visserijwet 1963 verbiedt in artikel 17 om vis uit te zetten in een binnenwater waarop een ánder het visrecht heeft, zonder schriftelijke toestemming van die rechthebbende. Die wet gebruikt "vis" als een aangewezen lijst soorten en de gup staat daar niet op — maar het tweede lid rekent uitdrukkelijk ook de níét-aangewezen soorten mee. Het verbod geldt dus gewoon. [literatuurrichtlijn, wettekst] Bij een openbare sloot, singel of gracht ben jij die rechthebbende zelden zelf, en die toestemming ga je daar niet krijgen. Daarnaast verbiedt de Wet dieren een houder om zijn dieren de nodige verzorging te onthouden, en dat is precies wat je doet als je ze ergens achterlaat. [literatuurrichtlijn, wettekst]

Dan de twee varianten die mensen bedoelen als ze "de vijver" zeggen. Je eigen tuinvijver is ook geen uitweg, en de reden is daar niet de wet maar de winter. Een losse kuip in de zomer kan wél, maar of het kan hangt aan de nachten en niet aan de dagen — en de gemeten koudegrens ligt lager dan de vuistregel die in de liefhebberij rondgaat, wat betekent dat die vuistregel vlak boven het punt zit waar het misgaat in plaats van in de band waar het goed gaat. Een kuip zonder verwarming kan daarom alleen onder harde voorwaarden: minstens veertig centimeter water, gaas eroverheen, en binnenhalen zodra de ochtendmeting onder de achttien graden zakt. De cijfers, de proefopzet en de wetsartikelen staan bij het loslaten in de vijver. Eén eis is hoe dan ook hard: in september of oktober moet alles er weer uit, dus je moet ze op dat moment kunnen vángen. Kun je de bak niet binnen een uur leeghozen, dan is het geen kuip maar een vijver. [praktijkregel]

Voor de sloot blijft de samenvatting onaangenaam kort: het is dierenleed met een kleine kans op erger, en de rekening ligt bij iemand anders.

De enige keer dat dit gratis op te lossen is

Bij deze soort is het aantal geen gegeven maar een variabele, en de enige plek waar je die goedkoop kunt zetten is de winkel, voordat je betaalt. Drie vragen horen daar thuis: wil ik jongen, koop ik anders één geslacht, en waar gaan ze heen als ik toch gemengd koop. Dat laatste is het afvoerplan dat er vanaf dag één had moeten liggen, en het is precies de vraag die niemand stelt tot hij hem niet meer kan stellen.

Voor nu telt de eerste stap van het lijstje hierboven. Zet vanavond die meting neer, en zet er morgen een datum bij waarop je kiest welke helft eruit gaat. De rest van dit stuk staat er nog wel.

BronnenFishBase, Poecilia reticulata (Peters, 1859) — generatietijd 0,6 jaar, veerkracht en verdubbelingstijd, geslachtsrijpheid, worpgrootte en 'may produce young every four weeks' — https://www.fishbase.se/summary/Poecilia-reticulata.html · Seriously Fish, Poecilia reticulata — het advies om vis van één sekse te kopen, en volwassen dieren die de jongen opeten — https://www.seriouslyfish.com/species/poecilia-reticulata/ · LICG (Landelijk InformatieCentrum Gezelschapsdieren), Guppy — prijs, sekseverhouding, worpgrootte, dracht, de lengte van drie tot zes centimeter waarbij de vrouwtjes groter zijn, de band van 23 tot 25 graden en de verstopplaats voor jongen — https://www.licg.nl/aquariumdieren/guppy/ · RAVON, Gup (Poecilia reticulata) — sporadisch aangetroffen, uitgezette aquariumdieren, overleven de winter niet — https://www.ravon.nl/vissen/gup/ · OATA (Ornamental Aquatic Trade Association), How to look after guppies and mollies — nitraat niet meer dan 20 mg per liter boven kraanwaterniveau, ammoniak en nitriet allebei op nul, wekelijks 25 procent verversen en minimaal 45 liter voor een kleine groep van de kleinere soorten — https://ornamentalfish.org/what-we-do/advice-information/care-sheets/caresheets-tropical-freshwater-fish/how-to-look-after-guppies-and-mollies/ · Moura-Campos, Chung, Lawrence, Jennions & Head, 2025, Temperature-dependent differences in male and female life history responses to a period of food limitation during development, Journal of Animal Ecology 94(5):1076-1087 — 24,4 tegen 27,8 graden; mannetjes kleiner en eerder volwassen bij warmte, vrouwtjes groter en later; 12,4 dagen extra bij voedseltekort op de hoge temperatuur — https://pmc.ncbi.nlm.nih.gov/articles/PMC12056356/ · Ernst, Hogers, Kwant, Korosi, van Leeuwen, Kotrschal & Pollux, 2025, Long-Term Sperm Storage in a Superfetatious Live-Bearing Fish (Poeciliopsis gracilis, Poeciliidae), Ecology and Evolution 15(9):e72086 — de studie zelf gaat over een verwante levendbarende; wat wij eruit gebruiken is hun tabel met alle bekende opgaven voor spermaopslag en hun weergave van Gasparini & Evans 2018 bij de gup (25 vrouwtjes, maximum ongeveer zes maanden, voor de meerderheid ongeveer vier) — https://pmc.ncbi.nlm.nih.gov/articles/PMC12410990/ · Gasparini & Evans, 2018, Female Control Over Multiple Matings Increases the Opportunity for Postcopulatory Sexual Selection, Proceedings of the Royal Society B 285(1888):20181505 — de guppenmeting achter die vier maanden; het origineel is niet zelf geopend, de gegevens komen uit de weergave door Ernst e.a. 2025 — https://doi.org/10.1098/rspb.2018.1505 · Verschure, J., 2019, 25 dierenspeciaalzaken over huisdieren terugnemen, Dibevo-Vakblad nr. 1/2019, blz. 22-29 — branche-enquête onder Nederlandse dierenspeciaalzaken, met de passages over vissen en over inhouding op de aankoopwaarde — https://edepot.wur.nl/475868 · Pets Place, Vissen service — de vier diensten die de keten bij vis aanbiedt; het innemen van dieren van klanten staat er niet bij; geraadpleegd 4 september 2026 — https://www.petsplace.nl/vissen-service · Stichting Vissen Asiel Nederland (Sliedrecht), Organisatie en Diensten — afstandsvergoeding 15,00 euro voor aquariumvissen 'ongeacht het aantal vissen', 75,00 euro voor vijvervissen, 0,35 euro per kilometer brandstof bij kleine transporten, 25,00 euro per persoon per uur arbeid, twee weken apart voor herplaatsing, en een wachtlijst van ongeveer 2,5 maand; geraadpleegd 4 september 2026 — https://www.vissenasiel.nl/organisatie/ en https://www.vissenasiel.nl/diensten/ · Stichting Op-Nieuw, Vissenopvang — opvang en herplaatsing van vissen, Vulcanusweg 269, 2624 AV Delft, uitsluitend op afspraak; geraadpleegd 4 september 2026 — https://www.op-nieuw.nl/vissenopvang · Stichting Vissenbescherming, Vissenopvang — 'geen opvangcentra zoals voor de honden, katten en knaagdieren', met de verwijzing naar een particuliere opvang die koudwater- én tropische vis aanneemt; geraadpleegd 4 september 2026 — https://www.vissenbescherming.nl/vissenopvang/ · Poecilia Nederland, Over ons — de vereniging voor levendbarende vissen, de bijeenkomsten met visbeurs en de uitnodiging om contact op te nemen met de secretaris; geraadpleegd 4 september 2026 — https://poecilia.nl/over-ons/ · NBAT (Nederlandse Bond Aqua Terra) — 'de overkoepelende bond van verenigingen voor houders van aquaria, vijvers en terraria in Nederland', met een overzicht van aangesloten verenigingen; geraadpleegd 4 september 2026 — https://www.nbat.nl/ · Allen, Tom, Taking Young, Record Keeping & Culling — Guppy Associates International Chicago; de definitie van cullen en de drie bestemmingen voor de culls — https://www.guppychicago.org/articles/taking-young-record-keeping-culling-by-tom-allen/ · RVO, Bedrijfsmatig huisdieren houden — de acht indicatoren voluit, de drempel van meer dan 20 honden of katten in twaalf maanden, 'voor andere diersoorten is er geen getalsmatige indicatie' en de eigen bewijslast bij een controle; geraadpleegd 4 september 2026 — https://www.rvo.nl/onderwerpen/bedrijfsmatig-huisdieren-houden · Wet dieren, artikel 2.1 (zonder redelijk doel), artikel 2.2, achtste lid (nodige verzorging) en artikel 2.10, eerste lid (dodingsverbod voor aangewezen diercategorieën) — https://wetten.overheid.nl/BWBR0030250/ · Besluit houders van dieren, artikel 1.9 (aangewezen diercategorieën: ganzen, honden en katten), artikel 1.11 (de artikelen 1.12 tot en met 1.14 gelden alleen voor zoogdieren, reptielen, amfibieën en vogels), de artikelen 1.12 tot en met 1.14 (vermijdbare pijn, spanning of lijden besparen; onmiddellijke dood of bedwelming; aantoonbare kennis en vaardigheden), artikel 3.8 (aanmelding inrichting) en artikel 3.11 (vakbekwaamheid) — https://wetten.overheid.nl/BWBR0035217/ · Visserijwet 1963, artikel 1, tweede lid (vis = de door de minister aangewezen soorten) en artikel 17, eerste en tweede lid: 'Het is verboden in een water als bedoeld in artikel 1, vierde lid, onder d, op het visrecht waarvan een ander de rechthebbende is, vis uit te zetten, zonder in het bezit te zijn van een schriftelijke toestemming van de rechthebbende', waarbij het tweede lid uitdrukkelijk ook de niet-aangewezen soorten meerekent — https://wetten.overheid.nl/BWBR0002416/ · Raad voor Dierenaangelegenheden, 2018, Zienswijze 'Welzijn van vissen' (7 maart 2018) — 'de Nederlandse wet erkent vissen als wezens met gevoel, waarvoor een zorgplicht geldt' — https://www.rda.nl/publicaties/zienswijzen/2018/03/07/welzijn-van-vissen-verdient-meer-aandacht-van-overheid-en-andere-betrokken-partijen

Wat betekent dit voor jouw bak?

Alquarium leest dit artikel mee en denkt met je mee over jouw aquarium. Gratis, geen account nodig.

Je hebt het stuk uit. Wat wil je weten over jouw eigen bak?

  • Of begin hiermee:

Verder lezen

Alles over vissen